Search
dinsdag 23 juli 2019

Soorten

Vroedmeesterpad

Alytes obstetricans

Vroedmeesterpad Alytes obstetricans Jelger Herder

De vroedmeesterpad is een kleine gedrongen pad. De mannetjes van de vroedmeesterpad dragen de eisnoeren enkele weken met zich mee op het land.


Herkenning

De vroedmeesterpad is een kleine gedrongen pad. De grote ogen hebben een verticale pupil. Het trommelvlies is duidelijk zichtbaar. De grondkleur is bruin, grijs of olijfkleurig met daarop kleine rode tot geelachtige wratjes. De buik is wittig. Vroedmeesterpadden worden tot 5.5 cm groot. 

Ze produceren een kort, melodieus en fluitend roepje. Dit is vanaf eind maart, begin april tot in augustus te horen, vooral ‘s avonds en ’s nachts, maar op warme dagen ook overdag. Kort na zonsondergang zijn ze het actiefst. Ook de vrouwtjes kunnen een roepje voortbrengen. De kenmerkende fluitende roep doet denken aan het geluid van klokjes (vandaar de Limburgse namen klökske en klingelke).

Roep:

 Vroedmeesterpad Alytes obstetricans Jelger Herder


 

Ecologie

 

Voortplanting

De vroedmeesterpad stelt weinig eisen aan het voortplantingswater. De pad plant zich voort in typische pionierswateren in groeven, in betonnen drinkbakken en in diepe koude bronpoelen langs hellingbossen.

De vroedmeesterpad dankt zijn naam aan de bijzondere broedzorg van het mannetje. Na de paring wordt het eisnoer niet afgezet in het water, maar het mannetje wikkelt het om zijn achterpoten en draagt de eitjes drie tot zeven weken met zich mee op het land. De kleur van de eieren is aanvankelijk witachtig geel, maar gaat over in heldergeel of bruin. Vrouwtjes kunnen meerdere keren per seizoen eitjes afzetten. Als de eitjes op het punt van uitkomen staan, gaat het mannetje naar het water en kruipen de larven uit het ei. De larven zijn lichtbruin en hebben verdeeld over het lichaam en de staart donkerbruine punten of vlekjes. Door deze speciale vorm van broedzorg verkleint de soort het risico dat er iets met de eieren gebeurt. 

Levenswijze

De vroedmeesterpad is een soort van voornamelijk ruderaal terrein (groeven), halfnatuurlijke graslanden en steden en dorpen. Zomer- en winterbiotoop zijn stenige, open hellingen en hellingbossen en graften met een stenige ondergrond. Overwintering is ook vastgesteld in kalksteengroeven, kalkovens en in andere bebouwing. 

Voedsel: nachtvlinders, regenwormen, slakken,mieren, kevers en andere ongewervelden. De larven eten vermoedelijk zowel dierlijk als plantaardig materiaal.
 

 Vroedmeesterpad Alytes obstetricans Jelger Herder

 

Verspreiding

De vroedmeesterpad komt van nature alleen in Zuid-Limburg voor. Op andere plaatsen in Nederland is hij uitgezet. Met name in stedelijk gebied blijken tal van uitgezette populaties zich al meerdere generaties te kunnen handhaven. Hij wordt aangetroffen op ruderale plaatsen (groeven, oude bebouwing en kerkhoven) en in hellingbossen en graften. Open groeven zijn belangrijke kerngebieden met grote populaties vroedmeesterpadden. De soort wordt in zekere zin gezien als een cultuurvolger. Een stenige structuur van de bodem is de belangrijkste bepalende factor voor verspreiding. Meer dan 80% van de vindplaatsen in Zuid-Limburg is gelegen in de associatie van krijt- en krijtverweringsgronden. Met name op de overgang van de plateaus naar de lagere dalhellingen wordt de vroedmeesterpad aangetroffen.De vroedmeesterpad heeft een duidelijke voorkeur voor naar het zuiden geëxponeerde hellingen. Het is een warmteminnende soort. 

 


 

Bedreiging en bescherming

De soort heeft de status 'kwetsbaar' in de Rode lijst. De vroedmeesterpad opgenomen in de Europese Habitatrichtlijn (bijlage 4). De soort is beschermd volgens de Wet Natuurbescherming. In het RAVON tijdschrift is een artikel over deze wet. Dit artikel is hier te vinden.

 Vroedmeesterpad Alytes obstetricans Annemarie van Diepenbeek
 

Monitoring en trends

De vroedmeesterpad wordt sinds 2001 integraal geteld, bezien over de gehele periode is de populatie-omvang stabiel. Net als voor de geelbuikvuurpad is voor deze soort een Soortbeschermingsplan uitgevoerd, daar is mee begonnen in 2000. Dat heeft geholpen, in de laatste tien jaar is de soort toegenomen (matige toename). De populatiedynamiek van de vroedmeesterpad verschilt wel sterk in de elf verschillende natuurlijke leefgebieden.
Klik hier voor een toelichting op de trends.

Monitoring kan door:

  • avondtellingen van kooractiviteit nabij voortplantingswater (april t/m juli);
  • zoeken van larven (half mei t/m augustus).
Vroedmeesterpad trend CBS
Vorig artikel Vlagzalm
Volgend artikel Vuursalamander
Printen
3409

x

Over RAVON

RAVON voor de bescherming van amfibieen, reptielen en vissen

Beschermen doen we samen met vrijwilligers en donateurs

 

Kennis - informatie - onderzoek -advies

Privacy statement

 

Contact

Telefoon: 024-7410600
Email: kantoor@ravon.nl
Contactpagina


Adres Natuurplaza
(gebouw Mercator III)
Toernooiveld 1 6525 ED
Nijmegen

Route

Back To Top