Search
woensdag 20 juni 2018

Ranavirus

Inleiding

Groene kikker besmet met Ranavirus Dick Willems

Ranavirussen worden gerekend tot de zgn. Emerging Infectious Diseases (EIDs): opkomende infectieziekten die – in dit geval – reptielen, amfibieën en vissen besmetten. Deze virussen hebben in Amerika, Europa en in Azië massale sterfte veroorzaakt onder volwassen en onvolwassen amfibieën en vissen. Van in gevangenschap gehouden reptielen is bekend dat zij ook ranavirus kunnen hebben, maar recentelijk is bekend geworden dat ook vrij levende reptielen dood kunnen gaan als gevolg van een ranavirus besmetting. Opvallend is ook dat sommige ranavirussen tussen de verschillende soortgroepen kunnen worden overgedragen.

Ranavirussen kunnen massale sterfte veroorzaken in populaties vissen, amfibieën, of reptielen. Voorbeelden van dergelijke uitbraken bij amfibieën in Europa zijn die bij bruine kikkers in Engeland, bastaardkikkers in Denemarken en Alpenwatersalamanders en vroedmeesterpadden in Noord Spanje en in Nederland bij o.a. knoflookpadden, groene kikkers en kamsalamanders. De uitbraken zijn meestal heftig, van korte duur en komen vooral voor rond de zomer.

Wat is Ranavirus

Ranavirus door een electronenmicroscoop Foto: Kirstin Rohn

Het zijn virussen die behoren tot het geslacht Ranavirus van de familie van de Iridoviridae. Ranavirussen komen voor bij amfibieën, vissen en reptielen en zijn nooit in verband gebracht met ziekten bij de mens. Dit komt waarschijnlijk omdat ranavirussen zich vermenigvuldigen bij temperaturen tussen de 12 – 32˚C, terwijl het menselijk lichaam 37˚C is.

Elk type ranavirus kan meerdere soorten besmetten (multihost-pathogeen), vaak wel binnen dezelfde klasse (dus óf vissen, óf amfibieën, óf reptielen). Het type ranavirus CMTV (Common Midwife Toad Virus) dat in Nederland is aangetroffen, besmet bijvoorbeeld onder andere groene kikkers, knoflookpadden en kamsalamanders. Sommige ranavirussen kunnen ook zowel amfibieën als vissen besmetten, en soms kunnen ranavirussen tussen de verschillende soortgroepen worden overgedragen. In Amerika blijken schildpadden zeer gevoelig voor het type ranavirus dat daar rondwaart.

Foto rechts: gemaakt onder electronenmicroscoop van een lever waar je virus deeltjes kan zien (bij de pijltjes)

Wat doet Ranavirus?

Ranavirussen zorgen onder andere voor zogenaamde ‘geprogrammeerde en ongeprogrammeerde celdood’. Dat betekent dat cellen als het ware zelfmoord plegen. Dit is te zien in ziektebeeld van een geïnfecteerd dier in de vorm van onder andere inwendige bloedingen in de organen als lever, nieren, milt en spijsverteringskanaal, het afsterven van deze organen en het ontstaan van poliepen op de huid en veelvuldig vervellen.

Welke soorten worden getroffen?

Dit specifieke type ranavirus (CMTV) treft in elk geval de helft van de Nederlandse soorten, en mogelijk meer. De soorten waarbij in Nederland besmettingen zijn aangetroffen zijn groene kikkers (onbepaald), bruine kikker, gewone pad, knoflookpad, kamsalamander en kleine watersalamander.

In Spanje zijn ook de vroedmeesterpad, vuursalamander en Alpenwatersalamander gevoelig, in België zijn Amerikaanse brulkikkers gevonden als drager (dieren werden zelf niet ziek) en in Frankrijk zijn bruine kikkers gevonden met dit type virus. De brulkikkers die in Baarlo zijn weggevangen waren niet besmet met ranavirus. Van deze brulkikkers was 71% wel besmet met een nieuwe soort Chlamydiales (Candidatus Amphibiichlamydia ranarum).

Groene kikker Ranavirus Annemarieke Spitzen Kleine watersalamander Ranavirus Annemarieke Spitzen Zieke kikkervisjes Annemarieke Spitzen

Waar komt het vandaan?

Ranavirus verspreiding NederlandIn 2010 was de eerste uitbraak in Nederland in het Nationaal Park Dwingelderveld (Kik et al., 2011). Momenteel zijn er uitbraken bekend in Drenthe, Overijssel, Gelderland, Noord-Brabant, Utrecht en Limburg.

Inmiddels is aangetoond dat de virustypes in Noord- en in Zuid-Nederland van elkaar verschillen (Rijks et al., 2016). De uitbraken in het noorden en zuiden van Nederland zijn dus waarschijnlijk niet aan elkaar gerelateerd. In de periode 2011-2014 is op verschillende plaatsen en afstanden rond de eerst beschreven uitbraak van 2010 in Noord-Nederland amfibieënsterfte  door ranavirus aangetoond. Het virus verspreid zich dus en we kunnen inmiddels spreken van een epidemie.

Waar komt het vandaan?

Het type ranavirus dat in Nederland voorkomt, is ook gevonden in Frankrijk, België en Spanje.  Of ranavirus al langer in Nederland aanwezig was en nu pas voor sterfte zorgt, of dat ranavirussen recent zijn binnengebracht, is niet bekend. Ranavirussen worden geschaard onder de ‘Emerging Infectious Diseases’. Opkomende infectieziekten die massale sterfte veroorzaken bij reptielen, amfibieën en vissen.  

Hoe verspreidt het virus zich?

Het virus verspreidt zich horizontaal, wat betekent dat een geïnfecteerd dier een schoon dier kan besmetten als ze in hetzelfde water zwemmen, of elkaar aanraken, maar ook door kannibalisme (een besmet kikkervisje dat wordt opgegeten), of het opeten van een aan ranavirus gestorven dier. Het virus zit ook in het water, waardoor schone dieren die in het besmette water zwemmen besmet kunnen worden.

Ranavirussen kunnen een erg lange tijd (> 60 dagen) levensvatbaar blijven in water, in sediment en ook in dood weefsel (een week). Voor CMTV is die periode niet exact vastgesteld, maar het is aannemelijk dat dit ook een lange periode is. Dit betekent dat verspreiding via stromend water, besmette amfibieën (die mogelijk geen ziekteverschijnselen vertonen), en via transport van water en substraat door de mens gemakkelijk en over grote afstanden mogelijk is.

Noord-Brabant Limburg Zeeland Zeeland Zeeland Zuid-Holland Zuid-Holland Noord-Holland Utrecht Gelderland Overijssel Flevoland Flevoland Drenthe Groningen Friesland Noord-Holland Friesland Friesland Friesland Friesland

Hoe erg is het?

Kikker Ranavirus Annemarieke Spitzen

Wat in Nederland de gevolgen gaan zijn voor de getroffen soorten weten we nog niet. Hiervoor is het nodig de populaties over meerdere jaren te volgen. Wat we wel weten uit het buitenland is dat er drie scenario’s voor populaties mogelijk zijn: ofwel ze herstellen binnen enkele jaren volledig, ofwel ze sterven volledig uit, of ze blijven op een beperkt percentage hangen van hun oorspronkelijke grootte.

Welk scenario we in Nederland gaan zien is nog onduidelijk. Wel zien we in het NP Dwingelderveld veel minder groene kikkers dan voor 2010, maar ze zijn er nog wel. Voor zeldzame soorten die in geïsoleerde populaties voorkomen, kan een uitbraak die meerdere jaren achter elkaar toeslaat wel de doodssteek betekenen.

In Spanje zijn hele amfibiegemeenschappen die bestonden uit onder andere vroedmeesterpad, gewone pad, vuursalamander en Alpenwatersalamander, in elkaar gestort als gevolg van uitbraken van ranavirus (type CMTV).

Monitoring van uitbraken is essentieel om de gevolgen voor individuele soorten en populaties te leren kennen. Zo kunnen we bepalen welke handelingsperspectieven we al dan niet hebben.

Wat kan ik doen?

Hoe herken ik een uitbraak?

Het lijkt erop dat als het virus zich voor het eerst manifesteert de sterfte vrij massaal is, met 80 – 90% dode dieren in verschillende leeftijdsklassen. Het beeld dat we daarna zien is dat er een aantal dieren blijft overleven. Het percentage wat resteert is slechts een fractie van wat er eerst in het water zat.

Je kunt een uitbraak dus herkennen aan massale sterfte. Dieren zien er dan ongeveer zo uit:
Zieke kikker. Foto: Jöran Janse
Het lijkt alsof ie weg wil springen maar hij is dood

  • Dieren zitten in een houding alsof ze weg willen springen, maar zijn dood
  • Dieren zijn extreem mager
  • Extreem vervellen
  • Puntbloedingen
  • Gezwellen/poliepen

Bovenstaande kenmerken zijn echter niet eenduidig voor ranavirus. Om ranavirus met zekerheid vast te stellen is aanvullend (microscopisch) onderzoek nodig.

Wat moet ik doen als ik verdachte sterfte zie?

Neem contact op met RAVON (a.spitzen@ravon.nl) en met DWHC (dwhc@uu.nl). Documenteer goed wat je ziet, waar het is, en volg het liefst ook de uitbraak. Maak foto’s en verzamel vers dode dieren. Die kan je gekoeld bewaren en met DWHC afspreken of het lukt om de dieren voor autopsie aan te bieden. Lukt dat niet, dan kan je de dieren ingevroren bewaren. Zorg altijd voor een goed label (locatie – datum – soort(en)).

Wat kan ik verder doen?

Natuurlijke verspreiding is niet tegen te houden. Amfibieën die drager van het virus zijn kunnen het verspreiden door van de ene plek naar de andere te lopen. Mensen zijn echter als geen ander in staat om grote hoeveelheden virus over grote afstanden te verplaatsen, en dat ook nog in korte tijd. Neem daarom voorzorgsmaatregelen om zelf geen verspreider te zijn, door goed je materialen te desinfecteren, ook groot materieel voor beheerwerkzaamheden in vochtige en natte terreinen. Ontsmet laarzen en schoenen, kom niet onnodig in wateren en wees alert.

Ontsmetten kan op verschillende manieren:

  1. Borstel plantenresten en modder af 
  2. Spoel met water. Water uit een poel of vijver is prima
  3. Desinfecteer op 1 van onderstaande manieren, op ruime afstand van het oppervlaktewater en probeer geen, of zo min mogelijk, residu in het milieu te laten komen.
  4. De voorkeur heeft het om met verschillende sets materialen te werken, zodat er ter plaatse geen chemicaliën gebruikt hoeven te worden.
  5. Reinig met 70% alcohol.
  6. Maak een 1% VirkonS® oplossing en laat materialen gedurende 1 minuut inweken.
  7. Andere desinfectanten zijn bleek (3 – 5% concentratie gedurende 1 minuut) en Nolvasan® (0.75% concentratie gedurende 1 minuut), maar chemische desinfectanten hebben niet de voorkeur

Bent u niet in staat om uw materiaal op locatie schoon te maken, neem het dan mee, van elkaar gescheiden in plastic zakken en doe het thuis.

Voorkom verspreiding van het virus. Maak gebruik van het hygiëne protocol.

Nog meer lezen?

Er is een flyer verschenen met daarin in het kort informatie over het ranavirus.

DWHC (Dutch Wildlife Health Centre) en RAVON hebben in 2011 een factsheet opgesteld, met hierin o.a. informatie over het ziektebeeld en de gevolgen voor amfibie populaties.

Voor nog meer informatie, wetenschappelijke publicaties en informatie over symposia is de website: http://www.ranavirus.org/ erg informatief.

Het GRC (Global Ranavirus Consortium) is opgezet om communicatie en samenwerking tussen wetenschappers, dierenartsen en andere partijen die geïnteresseerd zijn in ranavirussen te faciliteren.

Dit consortium:

  1. Organiseert om het jaar een internationaal symposium over ranavirussen
  2. Heeft een mailinglijst en een jaarlijkse nieuwsbrief
  3. Organiseert regionale discussiegroepen om informatie uit te wisselen
  4. Produceert boeken, artikelen en andere producten om informatie over ranavirus te verspreiden en
  5. Geeft informatie, advies en training op aanvraag 

Een directe link naar een overzicht van de wetenschappelijke publicaties op het gebied van ranavirus is: https://www.ranavirus.org/resources/
 

Van 30 mei tot 4 juni 2015 werd het derde internationale ranavirus symposium gehouden in Florida (VS).

Er wordt begin 2016 een online ranavirus cursus aangeboden via de GRC

Organisaties Ranavirus Logo's
Deze webpagina is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van het Bureau Risicobeoordeling en Onderzoeksprogrammering (BuRO), Team Invasieve Exoten van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit in het kader van het Signaleringsproject Exoten.

Over RAVON

RAVON voor de bescherming van amfibieen, reptielen en vissen

Beschermen doen we samen met vrijwilligers en donateurs

 

Kennis - informatie - onderzoek -advies

 

Contact

Telefoon: 024-7410600
Email: kantoor@ravon.nl
Contactpagina


Adres Natuurplaza
(gebouw Mercator III)
Toernooiveld 1 6525 ED
Nijmegen

Route

Back To Top