Zoek
vrijdag 12 maart 2010  RAVON » Stages Registreren  Inloggen

 Stages bij RAVON

kopvoorn jh.jpgVoor HBO en Universitaire studenten biedt RAVON de mogelijkheid stage te lopen. Hieronder vind je een overzicht van de stageonderwerpen die er momenteel bij RAVON zijn.  Stages met amfibieën, reptielen en vissen behoren tot de mogelijkheden, daarnaast zijn er ook nog enkele algemene onderwerpen. Indien je zelf ideeën voor stages hebt die passen binnen RAVON dan kun je altijd contact opnemen met RAVON over de mogelijkheden.

Stagiaires kunnen zich aanmelden bij:
Stichting RAVON
Postbus 1413
6501 BK Nijmegen
kantoor@ravon.nl
tel. 024-7410600 


  Reptielen


Verschuivende evenwichten in hagedissen-populaties

De zandhagedis en levendbarende hagedis zijn twee nauw verwante soorten die ieder een eigen ecologische niche bezitten. In veel heideterreinen komen de soorten samen voor, waarbij de levendbarende hagedis vooral voorkomt op vochtige plaatsen en de zandhagedissen op droge naar het zuiden geëxponeerde hellingen. De landelijke trends van beide soorten vertonen een tegengestelde trend (gegevens Netwerk ecologische Monitoring), de aantallen aangetroffen dieren per traject vertonen voor de zandhagedis een verdubbeling, in ca. 10 jaar tijd terwijl de levendbarende hagedis gehalveerd is. Mogelijk wordt dit veroorzaakt door dezelfde drijvende krachten.

Het onderzoek bestaat uit :
  • Veldwerk (gestandaardiseerde tellingen) op geselecteerde locaties. Vergelijking tussen historische gegevens en de huidge populatie-opbouw.
  • Databewerkingen in de RAVON database (gegevens 1900-heden), waarbij aantalsontwikkelingen landelijk worden vergeleken 

Onderdeel 1 dient uitgevoerd te worden in de maanden april t/m juni. Onderdeel 2 is niet aan een bepaald seizoen gebonden. Het werk kan verdeeld worden over twee personen, uitvoering van de losse onderdelen is echter ook mogelijk.  

Periode: april-juni (veldwerk), overige activiteiten niet seizoensgebonden
Onderzoekslocatie: o.a. de Hamert, mogelijk ook de Veluwe
Begeleider: Raymond Creemers


 anguis rc.jpgLespakketten inheemse reptielen en amfibieën

De jeugd heeft de toekomst! Daarom wil RAVON graag haar kennis overdragen aan leerlingen in het basisonderwijs. Er is al een eerste aanzet gemaakt met een lespakket amfibieën voor de middenbouw van de basisschool (zie elders deze website). Graag zouden wij dit aanbod uitbreiden door ook voor onder- en bovenbouw een pakket samen te stellen. Daarnaast is er op het gebied van onze inheemse reptielen nog weinig informatie voor het basisonderwijs. Daar ligt nog een uitdaging! Heb je interesse? Informeer naar de stagemogelijkheden bij Elvira Werkman (zie onder contact

 

 Amfibieën


 Predatie van amfibieën en reptielen door roofvogels (waarschijnlijk al ingevuld)

Van predatie van roofvogels op amfibieën en reptielen zijn de nodige anecdotische gegevens bekend. Zo zijn er op buizerdhorsten regelmatig hazelwormen als prooiresten gevonden. Kikkers staan zo nu en dan op het menu van steenuilen. Door literatuurstudie is er wellicht een lijn in te ontdekken in de omstandigheden waarin roofvogels amfibieën of reptielen buit maken, bijvoorbeeld een relatie met daljaren in veldmuizencycli. Een onderwerp dat zich goed leent voor realisering in de herfst/winter, dus buiten het “veldseizoen”.

Begeleider: Annemarie van Diepenbeek  


Metapopulatiestructuur van een kamsalamanderpopulatie in het rivierengebied.

In 2009 heeft nabij Oldenzaal een onderzoek plaatsgevonden naar de metapopulatiestructuur van de kamsalamander in dat gebied. Met dit onderzoek willen we meer inzicht krijgen hoe een metapopulatiestructuur er uit ziet en functioneert en wat er aan maatregelen moet worden genomen om deze structuur, wanneer nodig, te verbeteren. Door middel van verfijnde data analyse wordt duidelijk waaraan een landschap voor de kamsalamander in een bepaald gebied moet voldoen. In 2010 willen we een zelfde onderzoek doen aan een populatie van de kamsalamander in het rivierengebied. Als onderzoeksgebied is de Ooijpolder gekozen omdat daar een grote kamsalamander populatie aanwezig is.

Periode: maart – september 2010
Onderzoekslocatie: regio Ooijpolder
Begeleider: Wilbert Bosman en Ronald Zollinger


Onderzoek naar de landhabitat van amfibieën en de knoflookpad in het bijzonder in de Overasseltse en Hatertse vennen.

In de Overasseltse en Hatertse vennen is in de periode 1987 – 1995 onderzoek verricht aan de landhabitat van de amfibieën in het gebied. In dit gebied komen 9 soorten voor. De resultaten van dit onderzoek zijn goed gedocumenteerd. Inmiddels zijn we een groot aantal jaren verder en is het interessant dit eens in een zomer te herhalen en te onderzoeken wat er is veranderd. Naast onderzoek aan voortplantingswateren dat zowel overdag als ’s avonds plaatsvindt is het onderzoek aan de landhabitat avond/nachtwerk. De avond bezoeken starten vanaf een half uur na zonsondergang.

Periode: maart – november 2010
Begeleider: Wilbert Bosman en Richard Struik


Chytridiomycose bij amfibieën

Chytridiomycose is een schimmel ziekte die onder amfibieën massale sterfte kan veroorzaken. De schimmel Batrachochytrium dendrobatidis veroorzaakt de ziekte. Over de gehele wereld wordt melding gemaakt van sterfte van amfibieën als gevolg van deze ziekte. Ook in Europa sterven amfibieën aan de schimmel. In Duitsland, Engeland, Denemarken, Zwitserland, Frankrijk, Spanje, Portugal, Italië en in Hongarije zijn gevallen bekend. De gevolgen kunnen desastreus zijn voor populaties en zelfs leiden tot het uitsterven van soorten. Tot op heden zijn geen meldingen van chytridiomycose bekend in Nederland bij inheemse fauna.

RAVON is gestart met een grootschalig onderzoek naar het voorkomen van chytridiomycose in Nederland en in België. Het gehele jaar zijn diverse werkzaamheden te doen. Bezit van een rijbewijs en auto wordt aanbevolen, maar is niet noodzakelijk.

Periode: niet aan een periode gebonden
Onderzoekslocatie: heel Nederland en delen van België
Begeleider: Annemarieke Spitzen


Ecologie van de geelbuikvuurpad

In het kader van het beschermingsplan geelbuikvuurpad en vroedmeesterpad is vanaf 2001 veldonderzoek uitgevoerd in Zuid-Limburg. De sleutelfactor bij het voortbestaan van de Nederlandse populatie ligt in de aanwezigheid van geschikte plekken om eieren af te zetten en larven te laten ontwikkelen. Dit onderwerp staat net als in 2005 in 2006 centraal. Vooraf worden locaties gekozen, nauwkeurig vastgelegd en beschreven. Waterhoudende karrensporen worden vergeleken met poelen, vooral wat betreft de dynamiek van vollopen en droogvallen. Zeer gedetailleerd wordt gekeken wat er met de eieren gebeurd. Er wordt een experiment gedaan om het effect van nieuwe ondiepe plassen op de eiafzetting te bestuderen. Daarnaast zal populatieonderzoek worden verricht. Voor dit onderwerp wordt bijvoorkeur gezocht naar 2 personen. Bezit van een rijbewijs en auto wordt aanbevolen.

Periode: april– oktober 2010
Onderzoekslocatie: Zuid Limburg
Begeleider: Wilbert Bosman 


Individuele herkenning van geelbuikvuurpad

Geelkbuikvuurpadden zijn individueel herkenbaar aan het zwarte vlekkenpatroon op hun buik. Hierdoor is het mogelijk zeer gedetailleerd populatieonderzoek te doen. We krijgen met dit soort onderzoeken inzicht in het gedrag van de geelbuikvuurpad, maar ook bijvoorbeeld over de leeftijd en groei van dieren. Voorheen moesten alle buikpatronen handmatig worden vergeleken. Sinds kort bestaat er software die het mogelijk maakt om buikfoto’s digitaal te vergelijken. Er is een archief dat buikfoto’s vanaf het jaar 2000 bevat die nog digitaal moeten worden vergeleken.

Periode: niet seizoensgebonden
Onderzoekslocatie: Nijmegen
Begeleider: Wilbert Bosman
 

  

 Vissen 


Veldonderzoek voor het Verspreidingsonderzoek Vissen

Voor het verspreidingsonderzoek vissen zijn we op zoek naar enthousiaste stagiaires die zelfstandig kunnen werken en veel veldonderzoek willen uitvoeren. Het streven van het verspreidingsonderzoek vissen is om in de periode 2007-2012 het verspreidingsbeeld van de doelsoorten: beekprik, rivier- en beekdonderpad, bermpje, elrits, gestippelde alver, kleine modderkruiper, grote modderkruiper en bittervoorn compleet en actueel te krijgen. Het verspreidingsonderzoek vissen vormt hierbij een belangrijk instrument  om tot een adequate bescherming van soorten en hun leefgebieden te komen. De stage is te combineren met een onderzoek naar de trefkans van beek- en poldervissen.

Voor deze stage is het van belang dat je;

  • Affiniteit hebt met het uitvoeren van veldwerk
  • Je beschikt over een rijbewijs en auto
  • Goed zelfstandig kan werken

Mocht je geïnteresseerd zijn in een dergelijke stage neem dan contact op met Arthur de Bruin 

Info: a.debruin@ravon.nl
Periode: Voorjaar 2010
Onderzoekslocatie: Geheel Nederland
Niveau: minimaal MBO/ HBO
Begeleider: Frank Spikmans en/of Arthur de Bruin


 

Stage Visatlas Noord-Holland

RAVON werkt samen met Landschap Noord Holland aan een visatlas.

De verspreidingsgegevens van vissen zijn veelal versnipperd aanwezig bij diverse organisaties zoals waterschappen, gemeenten, terreinbeheerders etc. Ook zijn er gegevens aanwezig in oude schriftjes van veldbiologen en in de hoofden van beroepsvissers.

Van veel gebieden en soorten in Noord-Holland ontbreken nauwkeurige en/of actuele gegevens. Om de verspreiding van vissen in deze gebieden in kaart te brengen is veldonderzoek gewenst. De stage is te combineren met een onderzoek naar de trefkans van poldervissen.

RAVON zoekt een enthousiaste stagiair die een bijdrage wil leveren aan de ‘Verspreidingsatlas voor brak- en zoetwatervissen in Noord-Holland. Vindt je het leuk om contacten te leggen met personen van diverse organisaties en heb je  interesse in het uitvoeren van veldonderzoek?

Neem dan contact op met Willem Kuijsten

Info: w.kuijsten@ravon.nl
Periode: april-oktober
Locatie: Noord-Holland en Nijmegen
Niveau: HBO
Begeleider: Willem Kuijsten (Stichting RAVON)


Dispersie van exotische vissen naar regionale wateren

In de afgelopen 20 jaar zijn er een groot aantal exotische vissen in Nederland gevestigd, waaronder vier soorten grondels (Gobiidae) en de blauwband. De dichtheid kan hoog oplopen en er zijn risico’s aan verbonden voor inheemse soorten (competitie, predatie, overdracht ziekten). De binnenkomst van exotische vissen gebeurt vaak via de grote rivieren, waarna verspreiding naar regionale wateren plaatsvindt. Het stageonderzoek zal zich richten op de marmergrondel en/of blauwband. Van deze soorten wordt in de afgelopen jaren een snelle verspreiding over het land en naar regionale wateren gezien. Hoe snel verspreiden de exoten zich? Welke factoren beïnvloeden de dispersie? Het onderzoek zal zich richten op gebieden waar in de afgelopen visserijkundig onderzoek heeft plaatsgevonden, zodat een vergelijking met nieuwe gegevens mogelijk is. Mogelijke onderzoeksgebieden zijn het Valleikanaal (De Grift) nabij Wageningen of de Uiterwaarden van de IJssel

Info: f.spikmans@ravon.nl
Periode: april – november 2010
Niveau: minimaal HBO
Begeleiders: Drs. Frank Spikmans (Stichting RAVON) 


Historische literatuuronderzoek visgemeenschappen

Rond 1900 zijn in Nederland diverse visserijkundige onderzoeken uitgevoerd die een beeld geven van de visgemeenschappen aan het begin van de 20e eeuw voordat de grote  ingrepen (stuwen, kanalisatie) in de grote rivieren uitgevoerd werden. Vragen die binnen deze onderzoekstage beantwoord kunnen worden zijn;

  • Welke veranderingen hebben zich voorgedaan in de visgemeenschap van Nederland en hoe zijn deze veranderingen te verklaren?
  • Hoe verhoud de klimaatsverandering zich tot de samenstelling van visgemeenschappen en de groei van vissoorten.

Voor deze stage is het van belang dat je in staat bent om een data-analyse uit te voeren en te werken met grote gegevensbestanden (Acces, Excel). Mocht je geïnteresseerd zijn in een dergelijke stage neem dan contact op met Arthur de Bruin

Info: a.debruin@ravon.nl

Periode: gehele jaar door


Fourageer gedrag van de zonnebaars Lepomis gibbosus

De zonnebaars is een exoot die al meer dan 100 jaar geleden in Nederland werd geïntroduceerd. De laatste 10-15 jaar wordt de zonnebaars steeds vaker in geïsoleerde watersystemen aangetroffen. In dit soort systemen wordt door deze predator behoorlijk veel schade aangebracht. Zo lijkt het er op dat hele ecosystemen kunnen worden uitgekleed door deze soort. Wat voor een impact heeft de aanwezigheid van de zonnebaars in een geïsoleerd systeem op het reproductiesucces in verschillende stadia van verschillende soorten amfibieën? Het onderzoek is deels een laboratorium studie en deels een buitenstudie. Een Brabants ven is in 2003 vrij gemaakt van zonnebaars. Belangrijke vraag is of amfibieën en macrofauna zich hebben kunnen herstellen na de ingreep in 2003. Een of meerdere vennen worden bemonsterd en de macrofauna samenstelling wordt onderzocht.

Het is een NCN project waarin Stichting RAVON samenwerkt met de Radboud Universiteit.

Info: w.bosman@ravon.nl
Periode: maart-november (9 maanden)
Locatie: Nijmegen en omgeving
Niveau: HBO of universitair
Begeleiders: Drs. Wilbert Bosman (Stichting RAVON) & Prof. Dr. Gerard van der Velde (Radboud Universiteit Nijmegen)


Fuikenonderzoek naar de grote modderkruiper

De grote modderkruiper is een vissoort die vrij moeilijk te vangen is en er een verborgen levenswijze op nahoud. Doordat hij zo moeilijk te vangen is zijn gegevens over dichtheden binnen verschillende gebieden veelal niet bekend. Afgelopen jaar hebben we onderzoek uitgevoerd naar de effectiviteit van verschillende vangstmethoden voor de grote modderkruiper (fuik, schepnet en electrovisserij). Een stagiaire heeft in aansluiting op deze studie een onderzoek gedaan naar de vangsresultaten van 3 verschillende fuiktypen en de mogelijkheden tot individuele herkenning op basis van een vlekkenpatroon (voor bepalen van de populatieomvang op basis van vangst terugvangsmethoden).

In vervolg op deze onderzoeken hebben we nog verschillende vragen die onderwerp van een stage zouden kunnen zijn. 

  1. Aanvullend vergelijkend fuikenonderzoek met een nieuw type fuik.
  2. Dispersie van grote modderkruipers (op basis van terugvangs en individuele herkenning)
  3. Berekenen van populatieomvang van grote modderkruipers op basis van individuele herkenning en vangst terugsvangst.
  4. Habitatkarakteristieken van vindplaatsen met grote modderkruipers

Voor deze stage is het van belang dat je;

  • Affiniteit hebt met het uitvoeren van veel veldwerk
  • Je beschikt over een rijbewijs en auto
  • Goed zelfstandig en met gedegen onderzoeksopzet zelfstandig een onderzoek kan uitvoeren

Mocht je geïnteresseerd zijn in een dergelijke stage neem dan contact op met Arthur de Bruin 

Info: a.debruin@ravon.nl
Periode: Voorjaar 2010
Onderzoekslocatie: binnen het verspreidingsgebied van de grote modderkruiper
Niveau: minimaal HBO
Begeleider: Frank Spikmans en/of Arthur de Bruin
 


 

Algemeen



OPROEP: Landelijk adderonderzoek Gezocht: Personen die mee willen werken aan een landelijk adderonderzoek

Kopschubben_Patroon 300.jpgHet onderzoek richt zich met name op de identificatie van individuele adders door middel van het aflezen van kopschildenformules. In maart 2000 is hierover een artikel verschenen in het RAVON tijdschrift (nummer 7). Achtergronden en doelstellingen van WAN zijn uiteengezet in nummer 9 van het RAVON tijdschrift. Door het onderzoek krijgt men na enkele jaren al een goed beeld van de populatieopbouw in een bepaald gebied. Ook wordt inzicht verkregen in de ligging van winter- en zomerverblijven van verschillende deelpopulaties, alsmede het migratieproces van de dieren. In het Meinweggebied in Midden-Limburg loopt een soortgelijk onderzoek al meer dan twintig jaar. Voor het onderzoek worden adders met handschoenen gevangen om wat algemene gegevens te kunnen noteren en om de kopschildenformule (nodig voor de individuele herkenning) en afwijkingen in het buikschildenpatroon te kunnen vaststellen. Verder dient een dia van de boven- en de onderkant van de kop te worden gemaakt ter controle van de formule. De dia's worden ingescand en met de overige gegevens vastgelegd in een geautomatiseerde database.

Van de geïnteresseerde personen wordt verwacht dat ze enkele malen per jaar een bepaald gebied afzoeken en bij de gevonden dieren bovenstaande handelingen verrichten. Het onderzoek vindt plaats op vrijwillige basis. Via RAVON kan worden gezorgd voor de nodige ontheffingen. Voor vergunningen om het terrein te betreden dient men zelf te zorgen. De meeste terreinbeheerders staan positief ten opzichte van het onderzoek omdat het een schat aan gegevens voor het beheer oplevert. Diarolletjes en handschoenen kunnen waarschijnlijk middels subsidies worden bekostigd.

Personen die zich voor het onderzoek opgeven krijgen een uitvoeringe instructie alvorens ze aan de slag kunnen gaan.

Pedro Janssen & Ton Lenders
Info:Pedro Janssen
Pavanestraat 15
5802 LJ Venray
Telefoon: 0478-514805 (thuis)
077-3205246 (werk)
email
 


Zie onder publicaties de stagerapporten om zelf ideeen op te doen voor onderwerpen! 


Copyright 2008 RAVON