Een palingparadijs is een gebied waar aal effectief kan intrekken, opgroeien en veilig kan uittrekken naar zee. Deze integrale benadering richt zich op structurele verbetering van leefgebieden en migratieroutes. Dergelijke maatregelen dragen niet alleen bij aan herstel van de aal, maar ook aan een betere leefomgeving voor andere vissoorten en waternatuur. Hoewel dit een logische strategie is, blijkt de realisatie van deze gebieden in Nederland complex.
Grote delen van ons watersysteem hebben op dit moment namelijk een te hoge mate van vervuiling om aal gezond op te laten groeien. Daarnaast kennen de schonere gebieden vaak een hoge mate van visserijdruk, of zijn ze slecht bereikbaar door stuwen, gemalen en sluizen. Het vergt dus nog een flinke inzet om in Nederland echt aan duurzaam aalherstel te werken.
Foto: Een glasaaltje (jonge paling). (Arthur de Bruin)
De Europese aal (Anguilla anguilla), beter bekend als paling, is sinds de jaren ’80 met meer dan 90% afgenomen. Sinds 2008 staat de soort als ernstig bedreigd op de IUCN Rode Lijst. Nederland speelt een belangrijke rol in de levenscyclus van de paling, maar functioneert momenteel vaker als hindernisbaan dan als veilige leefomgeving.
Palingen leggen tijdens hun leven duizenden kilometers af tussen de Sargassozee en Europa. Jonge glasaal trekt vanuit zee onze rivieren en binnenwateren binnen om daar op te groeien. Volwassen schieraal moet uiteindelijk weer veilig terug kunnen zwemmen naar zee om zich voort te planten.
Juist in Nederland gaat het op veel plekken mis. De soort krijgt te maken met sluizen, gemalen, waterkrachtcentrales, vervuiling, scheepvaart en visserijdruk. Veel palingen bereiken hun eindbestemming niet of raken onderweg beschadigd.
Foto: Vrijwilligers bekijken hun vangst tijdens het glasaalmonitoring project, waarbij jaarlijks langs de hele Nederlandse kust binnentrekkende glasalen worden geteld met behulp van kruisnetten. (Iwan Hoving)
Sinds 2009 werkt Nederland via het Aalbeheerplan aan herstel van de soort. Belangrijke maatregelen zijn beperking van visserij, verbetering van migratievoorzieningen en onderzoek naar leefgebieden en migratieknelpunten. Hoewel deze maatregelen noodzakelijk zijn, leiden zij vooralsnog niet tot integraal herstel van de populatie.
Volgens RAVON ligt dat vooral aan het feit dat herstel niet bereikt kan worden met losse maatregelen alleen. De problemen stapelen zich op binnen de volledige levenscyclus van de paling. Op migratieroutes wordt de soort gehinderd door obstakels zoals sluizen, gemalen en waterkrachtcentrales. Ook zijn vispassages nog niet overal voldoende effectief. Tijdens de trek naar zee treedt sterfte op, terwijl veel opgroeigebieden te maken hebben met vervuiling. Daarnaast bestaat er onzekerheid over de duurzaamheid van visserij en staat de paling extra onder druk door ziekte en klimaatverandering.
Nederland is in veel opzichten een hindernisbaan voor paling geworden. De soort kan niet overal effectief binnenkomen, groeit niet overal onder optimale omstandigheden op en bereikt de zee vaak niet of niet onbeschadigd.
Als we herstel van de paling serieus nemen, moeten we verantwoordelijkheid nemen voor ons deel van de levenscyclus. Dat vraagt niet alleen om het oplossen van afzonderlijke knelpunten, maar om complete, functionele leefgebieden waar paling veilig kan leven, groeien en migreren. Nederland moet weer een plek worden waar paling kan overleven. Een leefgebied kan pas echt een Palingparadijs zijn als aan drie voorwaarden wordt voldaan:
De International Council for the Exploration of the Sea (ICES) adviseert al geruime tijd om alle visserij op aal, inclusief glasaal, te beëindigen. Ook het uitzetten van glasaal als herstelmaatregel wordt afgeraden, omdat er geen aanwijzingen zijn voor een netto positieve bijdrage en negatieve effecten niet kunnen worden uitgesloten.
Een vergelijkbare conclusie wordt getrokken in een overzicht van wetenschappelijke literatuur door de Universiteit van Stockholm. Volgens ICES en andere onderzoekers ligt de prioriteit voor herstel vooral bij het verbeteren van migratiemogelijkheden, het verhogen van de kwaliteit van leefgebieden en het beperken van door de mens veroorzaakte sterfte, zoals visserij en schade door gemalen.
Foto: Gemerkte glasaal waarmee RAVON de werking van vispassages onderzoekt in het Passagecheck onderzoek. (Mick Vos)
Met Palingparadijzen wil RAVON toewerken naar een netwerk van strategisch gelegen leefgebieden verspreid over Nederland. Samen moeten deze gebieden bijdragen aan herstel van de aalpopulatie en een grotere hoeveelheid schieraal die succesvol de zee bereikt.
Palingparadijzen zijn daarmee geen los project, maar een langetermijnvisie op hoe Nederland opnieuw een functioneel onderdeel kan worden van de levenscyclus van de paling. Deze visie sluit aan bij wetenschappelijke inzichten die aangeven dat structureel herstel vooral afhankelijk is van veilige migratieroutes, goede waterkwaliteit en beperking van door de mens veroorzaakte sterfte. Palingparadijzen zijn geen luxe. Ze zijn een randvoorwaarde voor herstel.
Foto: Een aangespoelde paling die mechanisch is beschadigd. In het project Gestrande vis onderzoekt RAVON, samen met partners, de oorzaak. (Jeroen Tummers)