Het rapport Padden.nu 2016 van Stichting RAVON beschrijft het negende jaar dat de website Padden.nu in de lucht is. Het aantal aangesloten werkgroepen nam opnieuw sterk toe, met 12 nieuwe groepen, tot 98 met in totaal 195 trajecten. Daarvan gaven er 66 hun gegevens door, van 116 trajecten. Samen zetten zij 123.670 amfibieën over. Dat is minder dan het recordaantal van 2015, maar wel de vierde plaats sinds de start in 2008. Gemiddeld werden er 1.874 amfibieën per werkgroep overgezet. Naar schatting van RAVON zijn er zo’n 125 paddenoverzetgroepen actief, en bij benadering zijn er 235.000 amfibieën veilig naar de overkant geholpen. Dierenbescherming Haaglanden nam met 10.370 dieren de eerste plaats over van Amerongen (8.701). Met stip op de derde plaats staat de Amfibieën Werkgroep Deventer (7.053).
Op een kaart is te zien dat de grootste concentratie aan werkgroepen langs de duinrand en de grote rivieren ligt. Daar liggen vaak drukke (provinciale) wegen die amfibieën moeten oversteken om tussen hun leefgebieden te migreren.
De meeste overgezette dieren waren gewone padden (101.841), gevolgd door de bruine kikker (13.862) en de kleine watersalamander (5.377). In 2016 werd veel meer tot op soort gedetermineerd; de herkenningskaarten op de RAVON-website helpen daarbij. Het aantal “kikker onbepaald” daalde van 2.804 in 2015 naar 12, en het aantal “groene kikker onbepaald” van 2.679 naar 817. Nieuw in 2016 was de springkikker, een soort die van nature niet in Nederland voorkomt maar illegaal is geïntroduceerd.
De winter van 2015-2016 was zeer zacht, de op één na zachtste sinds 1706. Door de zachte winter begon de trek met een kleine opleving rond eind februari, met een piek op 21 februari van ruim 2.200 amfibieën. De eerste drie weken van maart verliepen koud en grotendeels droog, waardoor er nagenoeg geen trek was. Het grootste aantal amfibieën trok tussen 20 maart en 6 april, toen er meer dan 79.000 werden overgezet. Er waren pieken op 26 maart (iets meer dan 10.000), 2 april (10.000) en 3 april (11.000).
In 2016 is kritischer gekeken naar de ingevoerde gegevens, en dode dieren zijn niet meegeteld. Het CBS werkt aan trendberekeningen voor de gewone pad, de bruine kikker en de kleine watersalamander. De auteurs vragen iedereen om de gegevens consequent te blijven invoeren.