Bultrugzalm

Oncorhynchus gorbuscha

De bultrugzalm is een exoot die in 2021 voor het eerst gevangen is in Nederland.

Herkenning

Bultrugzalm (Oncorhynchus gorbuscha) behoort tot de familie van de zalmen (Salmonidae). De soort heeft een vetvin. De flanken zijn zilver van kleur met daarop kleine zwarte vlekjes. In de paartijd krijgen de mannetjes die de rivier optrekken een opvallend grote bult op de rug. De bultrugzalm is tijdens zijn oceaanfase moeilijk te onderscheiden van de inheemse salmoniden, zoals zalm en zeeforel (Atlantische forel). Een belangrijk verschil is de aanwezigheid van langgerekte ovale vlekken op de boven- en onderkant van de staart.

Voortplanting

De bultrugzalm wordt na twee jaar geslachtsrijp en plant zich dan voort. Bijzonder is dat door deze strikt tweejarige levenscyclus gescheiden populaties ontstaan: de ene populatie paait in even jaren, de andere in oneven jaren. In Europa worden met name in de oneven jaren veel bultrugzalmen waargenomen. In Nederland is nog geen voortplanting vastgesteld. 

Levenswijze

De bultrugzalm is een gedeeltelijk stromingsminnende trekvis. Ze groeien op zee op en trekken bij een leeftijd van 18 maanden, in de periode juni-september, de rivieren op om zich boven grind of stenen voort te planten. Het voedsel van jonge dieren bestaat vooral uit kleine ongewervelden, terwijl grotere exemplaren ook op kleine vis jagen.

Verspreiding

Het oorspronkelijke leefgebied van de bultrugzalm ligt in het westen van Noord-Amerika. De soort is sinds eind jaren vijftig tot aan 2001 in het noorden van Rusland uitgezet (Kola-schiereiland) en heeft zich van daaruit zuid-westelijk verspreid via de Noorse kust en wordt inmiddels aangetroffen in Noorwegen, Denemarken, IJsland, het Vereningd Koninkrijk en Ierland. De eerste vangst in Nederland is gedaan in 2021, eDNA van de soort is in 2019 reeds opgepikt in de Grensmaas. 

Bedreiging en bescherming

De bultrugzalm is een exoot en geniet daarom geen bescherming in Nederland. Het is onduidelijk wat de impact van de bultrugzalm zal zijn op inheemse soorten, omdat het momenteel gaat om incidentele waarnemingen. Uit het buitenland komt de inschatting dat de bedreiging voor de zalm gering is doordat de paaiperioden niet overlappen en onderzoek heeft uitgewezen dat bultrugzalmen geen andere parasieten bij zich dragen dan reeds aanwezig zijn bij de zalm.