Bronforel

Salvelinus fontinalis

De bronforel is een exoot die incidenteel wordt waargenomen in de Rijn, Maas en enkele beken in Gelderland en Limburg.

Herkenning

Bronforel (Salvelinus fontinalis) behoort tot de familie van de zalmen (Salmonidae). De soort heeft een vetvin. De flanken zijn bruingroen van kleur met daarop gele en blauwe vlekken en de buik is rood.  Bronforel wordt tot ongeveer 50 centimeter lang. De kaak van de bronforel reikt tot achter het oog en hiermee onderscheidt hij zich van Atlantische forel, regenboogforel en zalm. Bronforel eet dierlijk plankton, kleine kreeftachtigen, kleine visjes, insectenlarven en insecten die op het wateroppervlak vallen. In het Oostvoornse Meer is de Elzasser saibling, een kruising tussen de bronforel en de beekridder (Salvenis alpinus), uitgezet ten behoeve van de sportvisserij.

Voortplanting

De soort plant zich in zijn natuurlijke verspreidingsgebied voort in het najaar in koude, stromende wateren en meren met een goede waterkwaliteit. Vrouwtjes maken een nestkuil in het grind waarin de eitjes worden afgezet. In Nederland zijn de omstandigheden waarschijnlijk niet geschikt, er is nog nooit natuurlijke voortplanting vastgesteld.

Levenswijze

De bronforel is gedeeltelijk stromingsminnend en heeft een voorkeur voor koude, zuurstofrijke wateren zoals beken, rivieren en meren. Bronforel eet dierlijk plankton, kleine kreeftachtigen, kleine visjes, insectenlarven en insecten die op het wateroppervlak vallen.

Verspreiding

Bronforel komt oorspronkelijk uit het Oosten van Noord-Amerika en is over heel Europa uitgezet. De soort wordt als gevolg van uitzettingen of ontsnappingen uit kwekerijen incidenteel in Nederland waargenomen in, met name, de grote rivieren en enkele beken in Gelderland en Limburg. De eerste waarnemingen uit Nederland dateren uit de jaren 70 van de vorige eeuw.

Bedreiging en bescherming

De bronforel is een exoot en geniet daarom geen bescherming in Nederland. De soort is wel opgenomen in de Visserijwet.