
Beschrijving
De kwabaal (Lota lota) is de enige zoetwatervis uit de kabeljauwfamilie. De soort komt voor in heldere, koude, zuurstofrijke wateren. Hij houdt vooral van stromend water. Maar hij wordt ook aangetroffen in grotere diepere stilstaande wateren. Zand- of grindbodem hebben de voorkeur.
De kwabaal is ’s nachts actief. Overdag verblijft hij in een schuilplaats op de bodem. Het is één van de weinige vissen, die juist in de winter en het vroege voorjaar actief zijn. In de zomer houden ze een soort zomerslaap en/of trekken ze naar dieper, koeler water. In de paaitijd, tussen november en maart, zwemmen de kwabalen stroomopwaarts. Ze paaien op zandige of stenige bodems en zetten daar hun eieren af.
Kleine exemplaren eten insectenlarven, wormen en vlokreeften. Grotere exemplaren, vanaf een lengte tot circa 20 cm, eten kleine, vooral bodembewonende vissoorten. Daarna komen er ook grotere vissen op het menu.
Bescherming
De kwabaal heeft op de Rode Lijst de status van “bedreigd” (Staatscourant, 2004). Hij heeft verder geen bijzondere wettelijke bescherming.