
Beschrijving
De kwabaal (Lota lota) is de enige zoetwatervis uit de kabeljauwfamilie. De soort komt voor in heldere, koude, zuurstofrijke wateren en heeft dan ook een voorkeur voor stromende wateren, maar wordt ook aangetroffen in grotere diepere stilstaande wateren. Zand- of grindbodem hebben de voorkeur. De kwabaal is ’s nachts actief en verblijft overdag in schuilplaatsen op de bodem. Het is een van de weinige vissen die juist in de winterperiode en vroege voorjaar actief is. In de zomer houden ze een soort zomerslaap en/of trekken naar dieper, koeler water. In de paaitijd, tussen november en maart, zwemmen de kwabalen stroomopwaarts, om op zandige of stenige bodems te paaien en hun eieren af te zetten. Kleine exemplaren eten insectenlarven, wormen en vlokreeften. Grotere exemplaren, vanaf een lengte circa 20 cm, eten kleine, vooral bodembewonende vissoorten. Daarna komen er ook grotere vissen op het menu.
Bescherming
De kwabaal heeft op de Rode Lijst de status van “bedreigd” (De Nie & Van Ommering, 1998), maar heeft verder geen bijzondere wettelijke bescherming.