
Verspreiding
De kleine modderkruiper komt wijd verspreid over Nederland in zowel stilstaande als stromende
wateren voor. Op de hogere zandgronden en in het overgrote deel van Zeeland lijkt de soort
vooralsnog niet- weinig voor te komen. In Zeeland zal dit deels te maken hebben met de geïsoleerde
ligging en het hogere zoutgehalte. Het is onduidelijk of de kleine modderkruiper altijd al zo wijd
verspreid was of dat dit een vrij recente ontwikkeling is en dat deze soort aan een opmars bezig
is. De soort is namelijk minder goed te vangen met beroepsmatig toegepaste vangtuigen en is sinds
de opkomst van het vissen met een schepnet in de afgelopen 15 jaar op zeer veel plaatsen
gevangen.
Beschrijving
De kleine modderkruiper (Cobitis taenia) is de kleinste van twee inheemse modderkruipers en wordt tot 14 cm groot. Het is een zeer beweeglijk, wormachtig visje met een fraai patroon van donkere vlekken op zijn flanken. Ter verdediging heeft hij een kleine uitklapbare stekel onder zijn oog. Aan zijn bek zitten zes korte tastdraden die hij gebruikt om `s nachts naar voedsel (kleine diertjes en detritus) te zoeken op de bodem. Overdag verschuilen ze zich in vegetatie of in de modder.
Bescherming
De kleine modderkruiper is in tabel 2 van de Flora- en faunawet opgenomen. De soort staat vermeld in bijlage 3 van de Conventie van Bern en bijlage 2 van de Europese Habitatrichtlijn, omdat de soort in grote delen van Europa zeldzaam is.