Vanaf de ontdekking in 1976 (Wijnands & van Gelder 1976) is het verspreidingsbeeld opgebouwd uit een klein aantal door elektroforese-onderzoek zekere waarnemingen en door een groot aantal redelijk betrouwbare waarnemingen van andere aard (morfologische en morfometrische kenmerken). In deze periode wordt duidelijk dat de poelkikker vooral in het oosten van het land voorkomt. In deze periode zijn er echter ook al enkele verspreide waarnemingen uit het westen van het land bekend (Bergmans & Zuiderwijk 1986).
Zie ook de volgende periode: 1996-2007