Het gaat om een Trapelus ruderatus. De staart, waarbij de staartschubben niet in regelmaat achter elkaar liggende dwarsringen vormen, is daar typerend voor:
[img]http://reptile.fisek.com.tr/agama_caudia_yaz.jpg[/img]
Bron: reptile.fisek.com.tr
Het dier heeft een relatief kleine ooropening en een stompe, ronde kop; niet afgeplat en spits, icm een grote ooropening zoals Laudakia stellio wel heeft (ssp. picea schijnt hier trouwens voor te komen*). Andere mogelijkheid zou Pseudotrapelus sinaitus zijn, maar ook deze voldoet niet echt met zijn typische Agama bouw en wederom grote ooropening.
Hoewel sommige auteurs niet helemaal overtuigd zijn van het voorkomen van het geslacht Trapelus in Syrië (http://www.biologiezentrum.at/pdf_frei_remote/HER_10_3_4_0099-0106.pdf), is hij er toch opgenomen in de soortenlijst (http://www.jcvi.org/reptiles/species.php?genus=Trapelus&species=ruderatus). De verspreiding wordt danwel beperkt tot het oostelijke deel van het land, maar er is dan ook veel te weinig onderzoek gedaan in het midden oosten mbt verspreiding van soorten. Verspreidingskaarten kunnen dus nogal eens afwijken.
Yann
*Werner, Yehudah L. 1992. Identity and distribution of Agama stellio picea Parker (Sauria: Agamidae), endemic to the volcanic desert of Jordan Zoology in the Middle East 6: 41-44